Deze etappe van het Veluwe Zwerfpad voert over koninklijke jachtterreinen, stille heidevelden en een verborgen vennetje. Een herfstwandeling door de uitgestrekte bossen van Kroondomein Het Loo klinkt idyllisch, maar een streng hek van een jagende koning gooit roet in het eten.
Goedgemutst wandel ik vanaf bushalte De Echoput richting het dorpje Hoog Soeren, het startpunt van deze bonusetappe van het Veluwe Zwerfpad. M’n stappen knisperen door een dik pak herfstbladeren, de lucht ruikt naar vochtige aarde. De voorspelde buien blijven uit, en in Hoog Soeren valt genoeg te zien: een zwijnenfamilie in brons, het beeldje ‘Paula in kamerjas’, een kerkje dat zo uit een prentenboek afkomstig lijkt.
Een glimlach om de mond, want de uitgestrekte bossen van Kroondomein Het Loo lonken. De wind is even gaan liggen, alsof het bos de adem inhoudt. Voorbij een veld met ‘gevaarlijke golfballen’ – slaat dat op de sporters? – steven ik af op een hoog hek, met een ketting afgesloten. ‘Verboden toegang van 15 september tot 25 december’, meldt een streng bordje.
Natuurlijk weet ik dat delen van het Kroondomein elke herfst op slot gaan omdat de koninklijke familie op jacht gaat. Jammer, want juist dan is het bos op z’n mooist − met stervende varens, moddersporen, een rijkdom aan paddenstoelen en bladeren in duizend tinten rood. Alsof je midden in een bloedstollende thriller zit, maar de koning heeft uitgerekend de ontknoping weggestreept. Waarom meldt de wandelgids die afsluiting niet? En evenmin de websites van Wandelnet en Nivon?
Ik keer terug op m’n schreden en volg een eigen route naar het Aardhuis, waar deze etappe langskomt. Misschien is het Kroondomein daar wél toegankelijk? Smalle paadjes kronkelen door het bos, waar honden losjes door de varens banjeren en hun baasjes elkaar met een samenzweerderig knikje begroeten – alsof zij weten hoe je verboden terrein omzeilt. De geur van natte hond vermengt zich met de harsige frisheid van het dennenbos.
Mijn zelfbedachte route volgt het gesloten hek. Waarom ziet een verboden bos er toch altijd zo aanlokkelijk uit? Door het gaas tuur ik in een jungle van herfstbladeren, omgevallen bomen en vuurrode varens. Een kijkdoos waarin elk moment iets kan opduiken: wild zwijn, hert, wolf, koning met jachtgeweer.
Na een kilometer langs de drukke provinciale weg is het Aardhuis een oase van rust. Binnen hangt de aangename geur van koffie; ik neem er taart bij, als stille revanche op de koning. Buiten fotografeer ik het voormalige jachtchalet, in 1861 gebouwd in opdracht van koning Willem III, betovergrootvader van Willem-Alexander. De façade glanst in het herfstlicht.
Zijn we nu eindelijk verlost van de koninklijke jachtpartij? Het lijkt erop. De route slingert door het toegankelijke deel van Het Loo, klimt en daalt langs de Aardmansberg. Fietsers zoeven voorbij, het grind knarst onder hun banden. Een mager zonnetje zet het bos in vuur en vlam. De geur van vochtig hout stijgt op, een zalig herfstparfum.
‘Krakrakra!’ roept een overvliegende raaf. ‘Oet oet oet!’ antwoordt een Canadese gans. Wind door de bladeren laat de buien van vannacht uitregenen – een frisse douche voor de wandelaar. In de verte roffelt een helikopter, terwijl het bos terugpraat met het schor gekras van gaaien. Een eekhoorn schiet omhoog langs een beukenstam; aan de voet wroetsporen van zwijnen. Wie z’n zintuigen openzet, hoeft zich nooit te vervelen.
Waar nu bossen zijn, lagen vroeger woeste gronden, met heide zover je kon kijken. Koningin Wilhelmina en prins Hendrik kochten het gebied en lieten het bebossen. In gedachten zie je ze over de velden banjeren – zij in haar karakteristieke bontjas met een vosje om de nek, hij steunend op z’n wandelstok.
Als de bossen zich openen, kijk je uit over de heide van het Uddelsche Buurtveld en krijg je een idee van hoe het vroeger was. De velden rollen eindeloos voort. Hier en daar een grove den, een eenzame eik. Een berkenbosje licht op als de zon knipoogt. Het brede, kaarsrechte pad koerst af op verkleurende bosranden in de verte. Met m’n verrekijker speur ik naar herten of reeën – tevergeefs, maar lekker stil is het hier wel.
Het gebied is prachtig, maar voor de wandelaar wat saai door het brede, rechte pad van 2,5 kilometer. Daarna volgt een rommeliger landschap. Krassende kraaien vliegen op van een boerenschuur, koeien dommelen in de wei, ergens blaft een hond tegen de wind. Het Uddelermeerpad sluit aan, en samen wandelen we richting zijn naamgever: het Uddelermeer.
Vlak daarvoor verrijzen hoefijzervormige wallen in het landschap: de Hunneschans. Rond 900 na Christus opgeworpen als verdedigingswerk, later toevluchtsoord voor mens én vee. Nu een bastion van paddenstoelen: rood, bruin, gevlekt. De wal krult als een reuzenarm om het meer.
Het Zwerfpad volgt de hoge wal, met uitzicht over het Uddelermeer – een van de grootste pingoruïnes van Nederland, gevormd in de ijstijd. Een schilderachtig tafereel, al verraadt het geruis van de provinciale weg dat we niet alleen zijn. Ooit stond hier een theehuis dat koningin Wilhelmina liet bouwen, ontmoetingsplek voor Uddelse dames. Zelf nam ze schildersezel en penseel ter hand om het meer te vereeuwigen. Vanaf Paleis Het Loo kwam ze dan aangehobbeld met paard-en-wagen.
Voorbij restaurant Buitenplaats Het Loo voert het Zwerfpad over de heide van het Houtdorperveld, een fraaie kilometer in de beschutting van overhangende takken. Dan knerpt zand onder de schoenen. In het spoor van rupsbanden wandel ik over het militaire oefenterrein Garderense Veld, een desolaat gebied waar de markeringen spoorloos zijn verdwenen. De gps-track is mijn gids.
De route leidt naar landgoed ’t Sol, aan het randje van de Veluwse stuwwal. Een smal pad volgt de zoom van een vallei tussen beboste heuvels. In de voormalige zandafgraving groeien korstmossen, zandblauwtjes en driekleurige viooltjes. Hier fladdert ook de zeldzame bruine vuurvlinder, een rode-lijst-soort. Ik speur de bomen af, waar een tikkende specht klinkt.
Een klimmetje brengt me op de top van de Goudsberg – wát een naam voor een prehistorische grafheuvel. Het dorpje Garderen, einddoel van de etappe, schemert tussen de bomen. De laatste kilometer loopt over asfalt langs de enk, tussen eindeloze rijen mini-cipressen van een boomkwekerij. Daarboven piepen een molen en een pittoresk kerktorentje – twee bakens die me naar huis wenken.
Samen met etappes 20 en 21 vormt deze bonusetappe een fraai rondje van zo’n 45 kilometer. Wil je hem wandelen? Vermijd dan de periode 15 september - 25 december, wanneer de koning jaagt. Tenzij je van gesloten hekken houdt.
Deze wandeling heb ik gedaan op woensdag 22 oktober 2025. In het kadertje hieronder zie je meer informatie over de gids waaruit de wandeling afkomstig is. De meest recente versie van routebeschrijving, kaartje en gps-track kun je gratis downloaden op Wandelnet.nl.
Op Natuurhuisje.nl vind je unieke vakantiehuisjes midden in de natuur. In een natuurhuisje kun je je heerlijk terugtrekken van het drukke, dagelijkse bestaan. Je komt helemaal tot rust.