Door de Amsterdamse Waterleidingduinen struinen voelt als een mini-expeditie: stille valleien, zand dat onder je schoenen wegstuift en damherten die ineens uit het struweel breken. Je volgt paadjes die soms oplossen in wit duinzand. Voor je het weet sta je oog in oog met de wilde bewoners van dit ruige duinlandschap. Frankwandelt-rating AAA+.
Een hobbelig buurtbusje brengt me van station Heemstede-Aerdenhout naar het startpunt in Vogelenzang. “En dan komen we nu door de achterbuurt van Aerdenhout,” grapt de gepensioneerde chauffeur terwijl villa’s voorbijschuiven. “Niks voor mij hoor.” Ik twijfel nog. Want hier stap je uit met je neus tegen een van de ruigste natuurgebieden van Nederland.
Twaalf jaar geleden liep ik deze avontuurlijke Groene Wissel al eens, een route waar ik destijds bijna verliefd op werd. Hoog tijd dus voor een herhaling. Een geasfalteerde laan voert door polder Vogelenzang. Graslanden vol grauwe ganzen, luid gakkend. Een zwanenpaartje bereidt zich in stilte voor op de winter, terwijl een kerkje afsteekt tegen de grauwe horizon.
Ik kruis de Tweede Doodweg. De lugubere naam herinnert aan het pad dat hier ooit liep tussen dorp en kerkhof. In de verte leunt Huis te Vogelenzang tegen een winters kaal bos. Hier kampeerden in 1937 tienduizenden padvinders voor de 5e Wereldjamboree − een zee van tenten, vlaggen en kampvuurgeuren die het landgoed dagenlang deed gonzen. Tegenwoordig helpt het Centrum voor Puur Zijn mensen met coaching en mindfulness hun pad te vinden.
Mindful word je vanzelf wanneer asfalt overgaat in een brede beukenlaan die afkoerst op de hoge duinenrij. Langs een ‘Multicultie Kippenhok’ kom je bij boshut Pannenland, die lonkt met warmte, koffie, taart en tegelwijsheden aan de muur. Maar de duinen trekken net iets harder. Al snel slingert een schelpenpaadje door het duingebied.
Pannenland is stil, bijna plechtig. Het paadje rafelt uit tot een streep, dan tot een vage indruk, en ineens sta ik in open duin alsof iemand het spoor onder me heeft uitgegumd. Dat heerlijke moment waarop je even verdwaalt, een lichte duizeling. Mijn gps duwt me met onzichtbare hand over heuvels en door dalen.
Dooie Hoek, Zeventig Bunders, Hazen Legers − veldnamen die klinken als hoofdstukken uit een vergeten atlas. Geen mens kom ik hier tegen. Het enige geluid is het zachte ritselen van helmgras dat meewaait met de wind. Helaas ook geen damherten, al liggen hun sporen overal. Mijn dure wildlens schittert vandaag vooral als decorstuk, vermoed ik.
Zwierven hier in 2016 nog ruim 5.500 damherten rond, sindsdien mogen beheerders afschieten om overpopulatie te voorkomen. Te veel herten veroorzaken schade aan bloemen, planten, bomen en bollenvelden. En ze kunnen verhongeren. Door afschot is hun aantal gekrompen tot ongeveer 1.000, nog steeds de grootste populatie van Nederland. Gadegeslagen door een forse populatie wildspotters.
Dan glinstert een zilveren lint: een kanaal dat een rol speelt in de waterzuivering. De route volgt het brede, kaarsrechte water. Aalscholvers jagen hier op vis, grote zaagbekken dobberen op het glasheldere water. Een ijsvogel schiet weg − een felblauwe schicht die mijn camera onmogelijk kan bijbenen. Maar het blauw flitst nog lang door mijn gedachten.
De Groene Wissel klimt het duin weer op en daalt af naar een bebost dal. Kronkelige eiken vormen ondoordringbaar struweel waar de gps-track me met vaste hand langs leidt. Hier is het windstil, maar toch bewegen eikentakken. Geritsel klinkt en even later gaan ze ervandoor. Takken blijken het indrukwekkende gewei van een damhert. Hij gaat op de loop, drie hindes in zijn kielzog. Mijn camera schiet opwippende kontjes in het hoge gras.
Het pad kronkelt verder over kale heuvels en door bossige dalen. Geen boom staat hier recht. Harde zeewind en arme zandgrond hebben dit landschap gevormd, en de bomen worstelen zichtbaar met hun bestaan. Veel exemplaren hebben het niet gered; eentje ligt omgewaaid in het duingras, de takken omhoog als de gespreide klauw van een roofvogel.
Een gekantelde grove den biedt een schuilplek voor de lunch. Vindt ook een goudhaantje dat dwarrelt tussen de takken en ontsnapt aan m’n camera. Ik moet het doen met een verwaaid pimpelmeesje. De zware geur van vochtige aarde en dennen vult de lucht. Een boomkruiper lijkt vergroeid met de bast.
Hier kun je serieus ver kijken over vlakke duinen, die doen denken aan een Afrikaanse savanne: weidse grasvlaktes met hier en daar wat struiken en moeizaam gegroeide boompjes. Een giraf, olifant of leeuw kun je er zo bij verzinnen. Een ijzige wind blaast zand over de vlakte.
Ik wandel de savanne op en alsof iemand een hendeltje overhaalt, katapulteert een boompje een groep vogels naar boompje verderop. Als ik daarheen loop, gebeurt hetzelfde, maar dan terug. Daar krijg ik één exemplaar in het vizier: een koperwiek poseert tussen de besjes van de meidoorn. Als hij wegvliegt, fonkelen zijn koperrode flanken.
De route koerst over de rand van de open vlakte, het Zegveld. Langs de bosrand drie damherten − twee hindes en een jonge bok. Ze treuzelen nog wat, maar staan zichtbaar in vluchtstand. Vroeger kon je de herten tot op tien meter benaderen, maar ze zijn schuwer geworden, waarschijnlijk door de jacht van de afgelopen jaren. Als ik dichterbij wil komen, verdwijnen ze met een paar elegante sprongen in het eikenbos.
Bij het volgende waterwinkanaal pakt de route een smal spoor langs het water. Dit bijzondere paadje voert over hoge heuvels met fraaie uitzichten en meandert dan weer het dal in, pal langs het water. Dan opeens klinkt een laag, knorrend geluid uit de flank van een heuvel. Ik schrik als de herriemaker opvliegt: een houtsnip die zich in een konijnenhol had verschanst en sierlijk wegflitst.
Aan de overkant graast een koe, een vreemd gezicht midden in de duinen. Bij Vroege Vogels hoorde ik dat hier veertig exemplaren rondlopen binnen een ‘virtueel hek’. Ze dragen een halsband die piept als ze de grens van hun gebied bereiken, gevolgd door een klein schokje als ze toch verder lopen. Genoeg om poepen en plassen in het waterwingebied te voorkomen, en het scheelt 40 kilometer hekwerk.
Het pad langs het water brengt me terug in de beboste binnenduinen. Ik werp nog een paar blikken tussen het struikgewas, luister naar het ritselen van bladeren. De duinen ogen leeg en stil, hoop op damherten of reeën heb ik nu eigenlijk niet meer.
Dan hoor ik een geluid als kiezels die tegen elkaar ketsen. Werkzaamheden in het bos? Nee, verderop vallen twee damherten elkaar aan, hun geweien haken in elkaar. Uit hun neuzen kringelt stoom in de ijzige lucht. Tientallen hindes kijken nerveus toe. Nog twee mannetjes rennen op elkaar af. Het ketsende geluid van bot op bot mengt zich met geritsel van gras en gekraak van dode takken. Even later rennen de mannetjes weg, alsof er niets gebeurd is. Is de strijd op leven en dood misschien gewoon een spelletje?
Op de eikenlaan even verderop staat een damhert doodgemoedereerd te grazen. Tot een paar meter kan ik hem benaderen. Hij kijkt me aan met een blik van: wat mot je? Een wildlens is niet nodig, mijn smartphone volstaat. Met een voldaan gevoel wandel ik langs boshut Pannenland. Deze avontuurlijke tocht moet je zeker een keer maken. Met wat geduld schiet je de mooiste foto’s van damherten, zelfs met je smartphone.
Deze wandeling heb ik gedaan op zaterdag 29 november 2025 (en ook in november 2013). De meest recente versie van routebeschrijving, kaartje en gps-track kun je (met een abonnement of tegen betaling) downloaden op Wandelzoekpagina.nl.
Op Heerlijkehuisjes.nl vind je unieke vakantiehuisjes midden in de natuur en op fraai gelegen parken. In zo’n heerlijk huisje kun je je terugtrekken van het drukke, dagelijkse bestaan. Je komt helemaal tot rust.